Van piek naar patroon? De energiemarkt zoekt balans in 2026

Hoogtepunten in deze marktupdate

  • 2025 kende extreme prijsschommelingen: wat betekent dat voor 2026?

  • Kolen verliest structureel terrein, maar verrassingen blijven mogelijk.

  • Gas lijkt te stabiliseren, maar de volatiliteit blijft.

  • CO₂ wordt gestuurd door beleid en schaarste: voorspelbaarder, maar niet zonder risico.

  • Stroomprijs is minder één getal, meer een spel van spreiding en timing.

  • Negatieve uren en pieken maken flexibiliteit belangrijker dan ooit.

  • Balanceringsmarkten verschuiven: stapelen wordt cruciaal.

  • Locatie wordt doorslaggevend bij congestie en flexibiliteit.

Algemeen

Nieuwe ronde, nieuwe kansen

2025 zit erop en wat een jaar was het. De gasprijs piekte begin februari tot circa €58 per MWh, bij lage opslagvullingen en weinig wind. Maar halverwege december dook de prijs terug naar ongeveer €27 per MWh. Elektriciteitsprijzen varieerden van -€350 tot +€524 per MWh en de CO₂-prijs veerde na een flinke duikeling op het laatste moment weer op naar boven de €100 per ton.

Terugblikken is makkelijk, maar de hamvraag is: wat brengt 2026?

Kolen

De kolenprijs bewoog in 2025 voornamelijk zijwaarts: tussen $98 en $120/ton op de forwards (2027) en $89–$111/ton op de spot (frontmonth). Voor 2026 verwachten analisten een versnelling van de afbouw. Volgens S&P Global Commodity Insights daalt de Europese import van thermische kolen met 15–20%, en in West-Europa zelfs met ruim 40%.

Deze krimpende vraag zet de prijzen in de Atlantische markt onder druk. Zowel Reuters als het IEA bevestigen de trend: de wereldwijde kolenvraag vlakt af, en structurele groei ligt achter ons. Toch zijn tijdelijke prijspieken door weer of gasmarktkrapte niet uitgesloten.

Gas

De TTF-gasprijzen bewogen op de forwards (2027) tussen €24–€35/MWh, terwijl de spotmarkt aanzienlijk volatieler was: tussen €24 en €59/MWh. Weer, geopolitiek en LNG-marktverschuivingen drukten hun stempel.

2026 markeert volgens analisten het einde van de crisisfase. Een structureel ruimer aanbod (door groeiende LNG-capaciteit) en lagere Europese vraag zorgen voor stabilisatie. ABN AMRO en Goldman Sachs voorzien een jaargemiddelde rond €29–€30/MWh. Reuters spreekt zelfs van een mogelijk “year of the glut” voor olie en gas.

Toch blijft volatiliteit een factor, door globalisering van LNG en afhankelijkheid van opslag en winterweer. De consensus? Een basispad tussen €25–€30/MWh, maar met 24/7-volatiliteit die blijvend is.

Elektriciteit

Op de forwards (2027) bleef de stroomprijs grotendeels stabiel tussen €70 en €84/MWh, met een slotkoers van circa €80/MWh. De spotmarkt was veel dynamischer: 2025 kende een recordaantal negatieve uurprijzen, omgerekend ruim 581 uur (t.o.v. 316 in 2023 en 458 in 2024).

Voor 2026 verwachten analisten een bredere prijsspreiding. De gemiddelde groothandelsprijzen blijven gekoppeld aan gas, CO₂ en kernenergie, maar de opmars van zon en wind zorgt voor meer uren met extreem lage of negatieve prijzen.

S&P en Aurora Energy Research voorspellen een marktfocus op prijsvolatiliteit, spreiding en flexibiliteit. Reuters ziet de batterijmarkt als katalysator voor dit nieuwe regime. Minder nadruk op “de” stroomprijs dus, en meer op average vs. capture, cannibalisatie en schaarstemomenten.

CO₂

De CO₂-prijs (EUA-ETS) begon 2025 rond €80/ton, zakte richting €65, en eindigde het jaar weer net boven de €100 op de forwards (2027). De spotmarkt liet een soortgelijk verloop zien.

Voor 2026 verwachten analisten dat fundamentele marktmechanismen de boventoon voeren. De jaarlijkse cap daalt, gratis allocaties nemen verder af en CBAM verhoogt de vraag. Reuters, ABN AMRO en Montel rekenen op een gemiddelde prijs tussen €91–€100/ton voor 2026.

De markt wordt dus opnieuw gestuurd door beleidsstructuren en lijkt voorspelbaarder dan in de crisisjaren.

Balancering

In 2025 zat de waarde vooral in het opregelen via aFRR en mFRRda, en in FCR. Afregelen stond onder druk, maar capaciteitsvergoedingen lagen in de meeste markten alsnog hoger dan in 2024.

Voor 2026 verwachten marktpartijen verdere professionalisering van de balancerings- en ancillary services-markt. Door meer zon en wind stijgt de behoefte aan flexibiliteit, maar het aanbod (vooral batterijen) groeit sneller.

Aurora en Baringa zien FCR steeds meer als commodity, met dalende spreads. De standalone businesscase wordt lastiger en vereist stapeling van markten. aFRR wordt, dankzij PICASSO, steeds belangrijker, met grotere prijsspreiding. mFRR wint aan waarde in stresssituaties.

Congestiemanagement, redispatch en local flexibility-markten groeien sterk, waarbij locatie net zo belangrijk wordt als technologie. ENTSO-E voorspelt dat systeemdiensten zoals synthetische inertie, grid-forming en black start structureler worden, met interessante beloningen voor early adopters.

De rode draad voor 2026: minder “easy money”, maar meer waarde voor snelheid, flexibiliteit, locatie en slimme marktcombinaties.

Volgende
Volgende

Prijsdaling brengt rust, maar hoe lang nog?