De-escalatie drukt gas, hitte jaagt stroom omhoog
Hoogtepunten in deze marktupdate
Geopolitieke risicopremie verdwijnt, maar de kwetsbaarheid blijft.
Gasprijzen dalen scherp na de-escalatie rond Iran en extra LNG-perspectief.
Kolen bewegen mee omlaag met gas en olie, ondanks eerdere aanbodzorgen.
CO₂ kruipt juist omhoog terwijl gas en kolen corrigeren.
Termijnmarkt blijft opvallend rustig, spotmarkt schiet alle kanten op.
Hittegolf zorgt voor extreme avondpieken op de stroommarkt.
Zonneproductie drukt prijzen overdag onder nul, maar vergroot de avondkrapte.
Onbalans blijft grillig: het systeem kantelt steeds vaker binnen één kwartier.
Congestiemanagement wordt dagelijkse realiteit, vooral op regionale netten.
Algemeen
Van geopolitieke risicopremie naar de-escalatie en een hittegolf.
Net als in eerdere maanden werd juni opnieuw gedomineerd door geopolitiek. De maand begon met een opbouw van risicopremie rond Iran en tijdelijke verstoringen van de Noorse gasaanvoer, waardoor gas- en kolenprijzen in de eerste helft van de maand opliepen. Halverwege juni sloeg het sentiment volledig om: berichten over een akkoord en de-escalatie tussen Iran en de Verenigde Staten leidden tot een scherpe sell-off, waarbij de geopolitieke risicopremie grotendeels uit de markt verdween.
In de tweede helft van de maand verschoof de aandacht naar verbeterde vooruitzichten voor de LNG-aanvoer, onder meer doordat Qatar aangaf zijn belangrijkste exportfaciliteit sneller dan verwacht op te schalen. Tegelijkertijd zorgde een uitzonderlijke hittegolf voor extreme volatiliteit op de spotmarkt voor elektriciteit, terwijl de termijnmarkt opvallend rustig bleef.
Het contrast tussen korte en lange termijn was daarmee groot: de spotmarkt reageerde heftig op weer en geopolitiek, terwijl de forwards juist daalden en stabiliseerden. De onderliggende kwetsbaarheid blijft echter bestaan, met Europese gasopslagen onder het niveau van vorig jaar en aanhoudende onzekerheid rond de Straat van Hormuz.
Kolen
De kolenmarkt (Rotterdam/API2) begon juni sterk, maar liet gedurende de maand een duidelijke daling zien. Het frontmaandcontract (Jul26) opende op $135,80/ton en bleef in de eerste week boven $130/ton, ondersteund door aanbodzorgen. Aanhoudende verstoringen in Colombia en spoorwegproblemen in Zuid-Afrika beperkten de exportbeschikbaarheid, terwijl de fysieke vraag stevig bleef.
Vanaf 12 juni verzwakte het sentiment in lijn met de bredere sell-off op de gasmarkt. Het frontmaandcontract viel in enkele dagen terug van $121,60 op 12 juni naar $113,70 op 15 juni, met een dieptepunt van $110,40 op 18 juni. In de laatste week stabiliseerde de prijs rond $113–115/ton en sloot op $113,35/ton op 26 juni. Per saldo daalde de frontmaand ruim 16% over de maand.
Ook de verdere curve daalde mee: Cal27 zakte van $126,54/ton naar $106,88/ton (-15,5%). De beweging werd vooral gedreven door lagere gas- en olieprijzen, en niet door kolenspecifieke fundamenten.
Gas
De gasmarkt was in juni het duidelijkste voorbeeld van de omslag in sentiment. Het TTF-frontmaandcontract (Jul26) opende op €49,09/MWh en tikte op 10 juni €49,99/MWh aan, gedreven door spanningen in het Midden-Oosten en ongeplande onderhoudswerkzaamheden in Noorwegen. Ook de spotmarkt liep op, met een dagpiek van circa €50,40/MWh op 8 juni.
Halverwege de maand keerde het beeld scherp. Na signalen van de-escalatie en vooruitgang richting een akkoord tussen Iran en de Verenigde Staten daalde het frontmaandcontract naar €42,51/MWh op 15 juni en vervolgens naar een dieptepunt van €40,41/MWh op 25 juni, het laagste niveau sinds het voorjaar. Investeringsfondsen brachten hun longposities terug naar het laagste niveau in drie maanden, wat de daling versnelde. Ook de verwachting dat Iraanse energie-exporten geleidelijk kunnen terugkeren naar de wereldmarkt en dat Qatar zijn LNG-export sneller opschaalt, drukte de prijzen verder.
Het frontmaandcontract eindigde op €40,78/MWh op 26 juni, een daling van bijna 17% over de maand. De spotprijs stabiliseerde eind juni rond €41,60/MWh. De verdere curve daalde minder hard: Cal27 zakte van €37,42/MWh naar €33,85/MWh (-9,5%). Dit laat zien dat de markt de risicopremie vooral op de korte termijn uitprijst.
Ondanks de correctie blijven de fundamenten kwetsbaar. Europese gasopslagen liggen nog steeds onder het niveau van vorig jaar, LNG-transport door de Straat van Hormuz verloopt voorzichtig vanwege hoge verzekeringsrisico’s, en een mogelijk warme zomer in Azië kan de concurrentie om LNG-volumes later in het seizoen opvoeren.
CO₂
De CO₂-markt bewoog in juni binnen een smalle, maar volatiele bandbreedte van €76–81/ton. Het EUA Dec26-contract startte op €79,17/ton, zakte naar een dieptepunt van €76,15/ton op 9 juni in lijn met de zwakkere energiemarkten, en herstelde in de tweede helft van de maand naar een piek van €81,57/ton op 22 juni. Het slot lag op €80,28/ton op 26 juni, per saldo +1,4% over de maand.
Opvallend is de ontkoppeling: terwijl gas en kolen in de tweede helft van de maand daalden, kroop CO₂ juist omhoog.
Aan de regelgevende kant waren er meerdere ontwikkelingen. De Europese Unie keurde strengere interventiemechanismen voor ETS2 goed, waarmee extra emissierechten kunnen worden vrijgegeven bij te sterke prijsstijgingen. Daarnaast bereidde de markt zich voor op de ETS-herziening die in juli wordt verwacht. De verdere uitbreiding van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) onderstreepte opnieuw de langetermijninzet op decarbonisatie.
Ook was er veel belangstelling voorafgaand aan de eerste Duitse nationale ETS-veiling. Het herstel richting €81/ton werd vooral ondersteund door sterkere gas- en stroomverwachtingen tijdens de hittegolf en een stabiele nalevingsvraag.
Elektriciteit
De elektriciteitsmarkt liet in juni een scherp contrast zien tussen de termijn- en spotmarkt. Het Nederlandse frontmaandcontract baseload daalde geleidelijk van €101,85/MWh op 1 juni naar €95,80/MWh op 26 juni, een daling van bijna 6%. Dit gebeurde in lijn met lagere gas- en EUA-prijzen. Cal27 zakte van €92,80/MWh naar €88,18/MWh (-5,0%). De forwardmarkt bleef daarmee opvallend rustig.
Op de spotmarkt was het beeld heel anders. De day-aheadprijs schommelde tussen -€53/MWh op 13 juni en +€902/MWh op 24 juni, bij een maandgemiddelde van circa €107/MWh. In totaal kenden 191 kwartieren een negatieve prijs. Sterke zonne-energieproductie drukte de prijs overdag regelmatig onder nul, terwijl de avondpieken hoog bleven doordat gascentrales nodig waren na zonsondergang.
Tijdens de hittegolf eind juni liep de volatiliteit verder op. De hogere koelvraag viel samen met lagere Franse kernenergieproductie door hoge water- en luchttemperaturen. Op 24 juni liep de prijs op van circa €70–90/MWh rond het middaguur, tijdens de zonnetop, naar €789/MWh om 19:00 uur en €902/MWh om 20:00 uur, toen de zonneproductie wegviel.
Dat de termijnmarkt nauwelijks reageerde, wijst erop dat marktpartijen deze weersgerelateerde pieken vooral als tijdelijk beschouwen.
Balancering
De onbalansmarkt was in juni opnieuw zeer volatiel. De gemiddelde prijs voor afnemen lag rond €124/MWh, maar de uitslagen waren fors. Tijdens schaarste-ISP’s liep de prijs op tot bijna €3.975/MWh, terwijl de prijs voor invoeden bij overschot kortstondig tot -€1.000/MWh zakte. Deze extremen vielen vooral samen met de avondpieken tijdens de hittegolf eind juni, toen het wegvallen van zonneproductie het systeem in korte tijd van overschot naar krapte duwde.
Het hoge aandeel regeltoestand 2, waarbij TenneT binnen hetzelfde kwartier zowel op- als afregelt, onderstreept die volatiliteit. In juni viel ongeveer 41% van alle ISP’s in regeltoestand 2. Over heel 2026 year-to-date ligt dat aandeel op circa 40%. In vier op de tien kwartieren sloeg de balans dus binnen het kwartier om, wat de voorspelbaarheid van de onbalansprijs verder verkleint.
De capaciteitsvergoedingen voor regelvermogen lieten een duidelijke piek en terugval zien. De gemiddelde aFRR-capaciteitsprijs voor opregelen in Nederland steeg van circa €3/MW/uur begin dit jaar naar een piek van bijna €10/MW/uur in mei, om in juni terug te vallen naar circa €6,50/MW/uur. Het mFRR-tarief volgde hetzelfde patroon, van circa €5,60/MW/uur in mei naar circa €2,90/MW/uur in juni. De terugval in juni past in het bredere beeld van afnemende spanning op de markt na de piek in mei.
Congestie
Netcongestie bleef in juni onverminderd zichtbaar in de data. Via GOPACS werden circa 344 congestiemeldingen gepubliceerd, met afgehandelde inkoopvolumes van ruim 100 MW aan flexibiliteit. Het overgrote deel van de meldingen kwam van de regionale netbeheerders: Enexis (245), Liander (52) en Stedin (39). TenneT publiceerde slechts 8 meldingen. Dat bevestigt dat de acute knelpunten zich vooral op de distributienetten bevinden, met het Enexis-gebied in oost- en zuid-Nederland als duidelijke hotspot.
De aanhoudend hoge meldingsintensiteit op GOPACS laat zien dat congestiemanagement een dagelijkse realiteit blijft. De combinatie van hoge zonopwekking overdag en zware avondpieken tijdens de hittegolf vergrootte bovendien de lokale netbelasting.